Welkom op deze blog!

Waar wetenschap eindigt en religie begint:

Gnostiek is géén godsdienst, géén filosofie, géén sekte, maar een eeuwenoud middel
om je eigen Goddelijkheid te vinden, en de weg te zoeken naar onze oorsprong!

Nieuw!!

23-09-2017: Bergpadtekst 6,
Vrije wil, de scheppende kracht in de mens, Mária Hillen.

De mens heeft de vrije wil, en het scheppende principe heeft altijd te maken met deze wil.
Is de wil onderdrukt, of is de wil de mens afgenomen, dan ontstaat er geen kracht meer die dat wat die mens aan mogelijkheden meebracht in het leven, tot uitdrukking kan brengen.
Daarom is er veel lijden, veel wanhoop.

Vele mensen komen met hun mogelijkheden in dit leven, incarneren in de stof met hun mogelijkheden, maar ze kunnen dan hun wil niet ontwikkelen, hetzij uit eigen onvermogen, hetzij door een beperking in de stof.

wijzers

Het is als een grote tuin met vele mogelijkheden.
In een grote tuin groeien de bomen, de planten, de bloemen en het gras op verschillende plaatsen en in verschillende omstandigheden. Ze kunnen zich daardoor ook op verschillende manieren ontwikkelen. Bij de mensheid is de mogelijkheid van de plaats van incarnatie. Een mogelijkheid die op vele manieren bepaald wordt.

Soms wordt de plaats bepaald door de zielsgesteldheid, en het bewustzijn dat daarin aanwezig ligt.

Soms is in deze gesteldheid nodig dat er een dofheid ontstaat, opdat er iets ingezien kan worden.

Soms ligt in deze gesteldheid nog niet dàt bewustzijn dat gebruik kan maken van de mogelijkheden.

Soms is het een kwestie van vrije wil, soms van uitwerking, omdat de uitwerking dan een kracht waker maakt die in de volgende incarnatie dan de werkelijke mogelijkheden te zien geeft. De vrije wil om in de dofheid te komen, heeft te maken met de kracht, de potentie, die in de ziel ligt opgeslagen.

Soms gaat de ziel een vrijwillige aangelegenheid aan, omdat daardoor iets wat gezien of uitgewerkt moet worden, ingezien kan worden.

Als de stappen gezet moeten worden op het steile deel van het bergpad, vraagt dit een grote concentratie.
Door de concentratie vergeet men dan wie men is, en waar men is. Soms kan het dan zo zijn dat enkel de passen van belang zijn, maar dit is niet de bedoeling.

De passen zetten op het smalle pad langs een ravijn is een moeilijke zaak, een zaak van concentratie.
Maar steeds moet er voeling gehouden worden met daar waar men is, met de omgeving, met daar waar men zijn passen zet, en waarvoor men zijn passen zet.

Als de mens het pad van ontwikkeling gaat, heeft hij verschillende mogelijkheden.
Hij kan zwelgen in dit pad, doodgaan op dit pad, hij kan dit pad ook in zuiverheid willen gaan.
Maar als de mens dit pad gaat, kan hij soms verstrikt raken in de cocon van zijn eigen ontwikkeling.
Het verstrikt raken hierin is: dat het teveel toegepast wordt op wat er in het zelf gebeurt.
Het teveel en te lang toepassen op wat er in het zelf gebeurt, geeft op de langen duur, een verarming en opsluiting, in plaats van wisselwerking.

Steeds moet er zorg voor gedragen worden dat, zodra er een beweging in het zelf plaats vindt, deze beweging ook naar buiten gemaakt wordt. Niet alleen naar buiten gemaakt wordt vanuit het zelf, maar in wisselwerking met de wereld rondom de mens heen. De wisselwerking rondom de mens heen wil zeggen, dat wat in het zelf ontdekt is en uitgewerkt is, steeds afgecheckt wordt in dat wat er zich rondom vertoont. Steeds a.h.w. voeling houdt met dat wat vraagt en dat wat antwoordt.

sycamore-trees-on-mountain-path-1336789

De kern van alle zaken ligt opgesloten in het zelf.
Steeds opnieuw brengt het leven de beweging waardoor er een mogelijkheid aangesproken wordt.
In elk leven zijn er een aantal mogelijkheden aanwezig, die dan, als ze aangesproken worden, dat leven zo heel speciaal tot dat leven maken.

Elke mens die incarneert in de stof, heeft een aantal mogelijkheden. Je zou het zo kunnen zien: elke mens die incarneert in de stof, brengt een pakket mee dat in dat leven tot uitwerking kan komen.
Het is zeer verschillend, omdat de wereld gevormd wordt door de verschillen.
De menselijke wereld wordt gevormd door de verschillen.
De verschillen geven de wrijving.

Het pad dat gegaan wordt door de bloeiende weiden, veroorzaakt dat de mens die in deze fase verkeert, zichzelf zal richten op het goede in het leven, op het mooie in het leven. De mens in deze fase zal zich hierdoor aangetrokken voelen.
Doordat die mens zich aangetrokken voelt tot het mooie, het goede, het schone in het leven, ontstaan er verschillende culturele stromingen.

De mensheid die vertoeft op het pad van de stenen, dat is: het pad waar de denkkracht zich ontwikkelt, zal zich aangetrokken voelen tot alles wat met het denken te maken heeft. Dan zullen er in de omgeving van die mens steeds meer mensen zijn die zich ook tot déze kracht aangetrokken voelen.
Zo ontstaat er dan een werveling.
Zo ontstaat er dan een verschil.
Zo ontstaat er dan een stroming die herkend wordt als een culturele stroming, een stroming die een tijdperk aangeeft.
Ook een stroming die alleen maar een tijd aangeeft. Vele stromingen zijn er zo over de wereld, omdat de verschillen er zijn.

De verschillen zijn nodig, omdat er door de verschillen de wrijvingen ontstaan.
Als het pad met de stenen geconfronteerd wordt met het pad van de bloemen, ontstaat er een wrijving, waardoor zowel het pad met de stenen als het pad met de bloemen een verdieping ondervinden.
Die verdieping kan ontaarden in een vorm van afkeer, of in een samensmelting.

Mária Hillen.

Voorpagina

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>