Uit de Nag Hammadi geschriften 1,
BC, 1
citaat:
Maria Magdalena, Evangelie volgens
[de eerste zes pagina’s van het oorspronkelijke handschrift ontbreken]
…zal de materie [vernietigd] worden of niet?’
De Verlosser zei: ‘Alle naturen, alle vormen en alle schepselen bestaan in en met elkaar en ze zullen weer teruggevoerd worden tot hun eigen wortel. Want de natuur van de materie kan zich slechts tot haar eigen natuur terugvoeren. Wie oren heeft om te horen, die hore!’
Petrus vroeg hem:
‘Omdat u ons alles heeft uitgelegd, zeg ons nu nog dit: wat is de zonde van de wereld?’
De Verlosser zei:
Zonde bestaat niet. Maar het zijn jullie die de zonde maken, namelijk wanneer jullie doen wat in wezen gelijk staat aan overspel, dat wat men “de zonde” noemt’.
Daarom is het goede in jullie midden gekomen, naar het (wezen) van iedere natuur, om deze weer in zijn wortel te herstellen.’
Toen ging hij voort en zei:
‘Daarom [worden jullie ziek] en sterven jullie, omdat jullie [houden] van wat jullie [misleidt]. Wie het vatten kan, die vatte het!
[De materie gaf geboorte] aan een begeerte die haar gelijke niet kent omdat zij is uitgegaan van iets tegennatuurlijks. Zo heerst er verwarring in het gehele lichaam. Daarom heb ik jullie gezegd: ” Heb goede moed.” En als jullie moedeloos zijn, vat toch moed tegenover de verschillende vormen van de natuur. Wie oren heeft om te horen, die hore!’
Toen de Gezegende dit gezegd had, groette hij hen allen met de woorden:
‘Vrede zij met jullie. Breng mijn Vrede voort. Let erop dat jullie niemand misleiden door te zeggen “zie hier”, “of “zie daar”, want de Zoon des Mensen verblijft in jullie binnenste. Volg hem!
Die hem zoeken zullen hem vinden. Ga zo heen en verkondig het evangelie van het Koninkrijk. Leg geen andere bepaling op dan die welke ik jullie heb gesteld. En vaardig geen wet uit zoals de wetgever, opdat jullie daar geen gevangenen van worden’.
Toen hij dit gezegd had, ging hij heen.
Zij echter waren bedroefd. Ze huilden heftig en ze zeiden:
‘Hoe moeten we naar de heidenen gaan en het evangelie van het Koninkrijk van de Zoon des Mensen prediken? Als hij al niet werd gespaard, hoe zal men ons dan sparen?’
Toen stond Maria (Magdalena) op en zij kuste hen allen en zei tegen haar broeders:
‘Huil niet, wees niet bedroefd en twijfel niet, want zijn genade zal geheel met jullie zijn en jullie behoeden. Laten we liever zijn grootheid prijzen, want hij heeft ons voorbereid en ons tot mens gemaakt.’
Toen Maria dit zei richtten zij hun harten op het Goede. En ze begonnen de woorden van de [Verlosser] te bespreken.
Petrus zei tegen Maria:
‘Zuster, we weten dat de Verlosser meer van jou gehouden heeft dan van de andere vrouwen. Zeg ons de woorden van de Verlosser zoals jij je die herinnert, die jij kent (maar) die wij niet kennen en die we ook (nog) niet hebben gehoord.’
Maria antwoordde en zei:
‘Wat voor jullie verborgen is zal ik jullie bekendmaken.’
En ze begon hun het volgende te vertellen:
‘Ik’, zei ze, ‘ik zag de Heer in een visioen; en ik zei tegen hem: “Heer , ik zie u vandaag in een visioen”. Hij antwoordde en sprak tot mij: “Gezegend ben je dat je niet wankelt bij mijn aanblik. Want waar het bewustzijn is, daar is de schat.” Ik vroeg hem: “Heer, ziet hij, die een visioen heeft, nu met de ziel of met de geest?” De Verlosser antwoordde en sprak: “Hij ziet noch met de ziel noch met de geest, maar met het bewustzijn, dat tussen de twee in ligt. [Zo] is het dat [hij] een visioen waarneemt en het is […]
Bron: citaat Evangelie volgens Maria (Magdalena)
Nag Hammadi geschriften l/ BC,1
J. Slavenburg / W.G. Glaudemans




